VrijdagmNog meer bergenorgen ging de wekker al om 07:00 uur. We moesten vroeg op omdat we die dag de wandeling naar Silver Lake Basin gingen maken. Een wandeling van ongeveer 8 kilometer in het Babine national park. De Babine Mountains liggen aan de oostkant van Smithers en Telkwa en strekken zich uit tot het Babine Lake, een meer van ongeveer driehonderd kilometer lengte dat ten oosten van Smithers ligt.

Met de truck reden we (Judy, GvdM, JvdM en JvdM) naar Smithers waar we nog een vriendin (Theresa) van Judy oppikten die ook meeging. Een paar kilometer verderop stond een groot deel van de Beamish familie (Yvonne, haar dochters Kate, Rachel en verloofde Stuart) te wachten. Een deel van het gezelschap nam plaats in de laadbak van de truck en zo reden we richting Babines. Een goede gravelweg voert van Driftwood naar het Fossil Bed park, een plaats waar op een berghelling fossielen kunnen worden gevonden van planten, maar ook zeedieren, een bewijs dat veel berghellingen in deze buurt lang geleden de bodem van de oceaan vormden.

We reden de parkeerplaats echter voorbij en via een weg die steeds slechter werd en vaak stapvoets moest worden genomen bereikten we een parkeerplaats waar diverse trails beginnen. Wij kozen deze dag zoals al gezegd voor het trail naar Silver King Basin. Via een pad door het bos dat af en toe werd doorkruist door waterstroompjes waarover vaak een bruggetje is gebouwd liepen we steeds verder het bos in. Af en toe zie je enkele eekhoorntjes op het pad, maar die maken zich snel dat ze wegkomen als je te dicht nadert. Toen we een bocht in het pad namen schrokken we even: zo’n honderd meter verderop leek een grote zwarte beer ons de weg te versperren. Het was echter loos alarm, het was slechts een rots die een beetje op een beer leek. Pfff!Een van de vele bruggetjes

Na ongeveer vijf kilometer werd het pad een beetje steiler. Ook waren er gedeelten waar nogal veel stenen lagen waardoor het opletten was waar je voet neerzette. De dennenbomen maakten steeds meer plaats voor wat opener begroeing en ook de soms fantastisch mooi gekleurde berghellingen werden beter zichtbaar, hoewel de toppen vaak in wolken waren gehuld.

Eindelijk bereikten we de Joe L’Orsa Cabin. Joe L'Orsa CabinDeze berghut kan door iedereen worden gebruikt om even uit te rusten, te eten, te schuilen voor het weer, maar je kunt er ook de nacht doorbrengen voor 5 dollar per persoon. In de drie slaapkamers is plaats voor ongeveer 15 personen. Beneden is een gemeenschappelijke ruimte waarin ook een eenvoudige keuken is gesitueerd. Een snelle inspectie van de slaapkamers leerde dat er twee personen in de hut verbleven die echter niet aanwezig waren toen wij er onze lunch aten.

ErtswagentjesNa de lunch maakten we de vijf minuten durende tocht naar de oude zilvermijn die hier ooit actief was. Enkele spoorrails en wat ertswagentjes herinneren nog aan die tijd. De ingang van de mijn is echter door rotsblokken ontoegankelijk gemaakt. BergenHet zicht op de bergen werd door de doorbrekende zon steeds beter zodat er natuurlijk veel foto’s werden gemaakt van de mooigekleurde bergwanden. Ook een Grey Jay die door de Canadezen ook wel Camprobber wordt genoemd omdat hij nogal brutaal is bij het bedelen om eten moest ook op de foto.

Grey JayDat laatste gold natuurlijk ook voor het hele gezelschap. Een van de twee tijdelijke bewoners van de cabin, die in de tussentijd waren thuisgekomen van hun wandeling in de bergen, was zo vriendelijk om deze foto te maken.

Daarna was het tijd om aan de terugtocht te beginnen. Na goed drie uur waren we weer op de parkeerplaats.

Misschien gaan we deze vakantie nog een keer terug naar de cabin om daar een of twee nachten door te brengen.De groep