Koningssteden en crematies

/, GvdM, Vakantie/Koningssteden en crematies

Koningssteden en crematies

 

De laatste drie dagen van onze vakantie brengen we door in Kathmandu, de hoofdstad van Nepal. De Nepalese hoofdstad is een bruisende stad met ongeveer tweeënhalf miljoeninwoners. In de straten is het een drukte van belang: auto’s,motoren, fietstaxi’s en voetgangers krioelen door elkaar en het zal voornamelijk aan de ongeveer 650.000 motoren en scooters zijn te wijten dat er boven de stad bij mooi weer veel smog hangt. Je ziet dan ook veel inwoners met mondkapjes lopen.

Woensdag gingen we samen met Ruud en Nina naar Bhaktapur, de oude hoofdstad van Nepal. De stad ligt op ongeveer twintig kilometer afstand. Bij het hotel hielden we een taxi aan en na enig onderhandelen spraken we een prijs af van van 800 roepies, ongeveer zes euro! Een taxirit in Kathmandu is een belevenis. Het verkeer is druk en chaotisch. Verkeersregels zijn er wel, maar voor de vreemdeling lijkt het of iedereen maar wat doet.

Bhaktapur is een oude stad en behoort samen met Kathmandu en Patan tot de koningssteden van Nepal. Het oude centrum is tegen betaling toegankelijk en biedt veel te zien voor de toeristen. Het grootste plein is Durbar Square dat vol staat met oude paleizen en tempels. Op alle gebouwen is veel houtsnijwerk te zien.Ook Tamaudhi Square is de moeite waard. Hier staat o.a. de vijf etages hoge Nyatapola tempel. Op Pottery Square kun je de vele pottenbakkers hun ambacht zien uitoefenen en dit is ook de plaats waar de vele producten liggen te drogen. Ook de kleine straatjes en steegjeswaar zich het dagelijks leven afspeelt zijn de moeite waard om door te dwalen. Je ziet de inwoners de was doen of ook hun offers brengen aan één van de vele goden van het Hindoeïsme.

Een paar uur breng je gemakkelijk door in het stadje. Pas om een uur of drie besluiten we weer terug te gaan naar het hotel. Iemand biedt ons een taxi aan voor 1200 roepies. “Te duur” zegt Nina “We zijn hier voor 500 roepies gekomen”. Dat vindt de man te weinig, maar als Nina roept dat we dan wel met de bus gaan staat er opeens een taxi klaar voor 500 roepies (minder dan 4 euro).
Dan hebben we vanmorgen dus toch teveel betaald!

Donderdag stond de laatste excursie op het programma. Samen met een gids bezoeken we vier beroemde plaatsen in Kathmandu: de boeddhistische / hindoeïstische tempel Swayambhunath, ook wel de apentempel genoemd, Durbar Square in het centrum van de stad, Bouddhanath, de grootste stoepa van de wereld.Tenslotte gaan we naar de hindoetempel Pashupatinath. Deze tempel is alleen voor hindoes toegankelijk, maar de meeste mensen komen hier om getuige te zijn van de lijkverbrandingen die aan de oever van de heilige rivier Bagmati plaatsvinden.

De reden dat Swayambhunath ook wel de apentempel wordt genoemd laat zich raden. Inderdaad zien we ook veel apen als we op het terrein komen.De dieren lijken de vele bezoekers gewend te zijn en gaan hun eigen gang. Uiteraard zijn ze een gewild onderwerp voor de vele fotografen.

Aan sommige afbeeldingen in de tempel is goed te zien dat boeddhisme hier is verweven met hindoeïsme. Afbeeldingen van Shiva gaan hier samen met afbeeldingen van Boeddha. Op het terrein bevindt zich o.a. een mooie witte stoepa en ook een beeld van Boeddha uit de zevende eeuw dat uit één reusachtige steen is gehouwen.

Net als Bhaktapur heeft ook Kathmandu een Durbar Square, gelegen in het centrum van de stad. Her is hier veel drukker dan in Bhaktapur en af en toe krijg je de indruk dat je de vele souvenirverkopers van je af moet slaan. Er wordt van alles aangeboden: kralen, snoeren, tasjes,geluksamuletten en zelfs grote Gurka messen! Negeren en doorlopen is het beste advies.

De grote publiekstrekkers op het plein zijn de Shiva en Vishnu tempels,het voormalig koninklijk paleis en het Kumari paleis. Hier woont Kumari, de levende godin die zich enkele malen per dag aan het publiek op het binnenterrein van het huis laat zien. Kumari is een jong meisje dat al op twee of driejarige leeftijd wordt gekozen tot godin via een speciale procedure. Eén onderdeel is bijvoorbeeld het offeren van een buffel. Het meisje dat het minst bang is voor de kop van het dier dat haar wordt voorgehouden, wordt de godin. Ze wordt van haar ouders gescheiden die haar nog maar één keer per maand mogen bezoeken en mag doen en vragen wat ze wil. Als ze ongesteld wordt moet ze echter uit het paleis vertrekken en wordt een nieuwe godin gekozen. Je zou zeggen dat zo’n gewezen godin wel een goed leven na haar ‘carrière’ zou hebben, maar dat valt tegen.Zo schijnt het moeilijk voor haar te zijn om later te trouwen omdat de legende zegt dat wie met een gewezen Kumari trouwt binnen driejaar zal sterven.

Ook wij wachten op het binnenterrein van het paleis op het verschijnen van de levende godin. Achter een van de bovenramen verschijnt eerst het gezicht van een man die de mensen observeert en er streng op let dat er geen foto- of filmopnamen worden gemaakt. Dan verschijnt in het middelste raam een zwaar opgemaakt meisje van een jaar of acht dat er niet echt gelukkig uitziet. Ze laat zich een tijdje zien en verdwijnt dan weer.

Hierna zoeken we de bus weer op en gaan op weg naar de volgende attractie: Bouddhanath, de grootste stoepa van de wereld die in één van de buitenwijken van de stad staat. We zijn lang onderweg door het drukke verkeer, maar stoppen dan vlak bij de toegangspoort. De witte stoepa waarvan de koepel is versierd met goudkleurig saffraan is een indrukwekkend bouwwerk waar veel pelgrims omheen lopen, altijd met de wijzers van de klok mee.

We bezoeken eerst een restaurant om te lunchen. Vanaf het dakterras heb je een prima uitzicht op de stoepa, maar inmiddels is het in de zon te warm waardoor we naar binnen gaan. Na de lunch bezoeken we de stoepa. We lopen rond de grote koepel die stralend wit is en is versierd met goudkleurige saffraan. Dit wordt vermengd met water met blijkbaar vaste hand over de koepel gegooid want de versieringen zijn behoorlijk accuraat aangebracht. Het saffraan, maar ook de kalk om de stoepa wit te houden wordt geofferd door de gelovigen en regelmatig zijn ook mensen bezig de kleinere stoepa’s rond de grote wit te houden. Ook is het gebouw versierd met vele gebedsvlaggen.

Daarnai s het tijd voor de laatste ‘attractie’ van de dag: een bezoek aan de hindoetempel Pashupatinath. Niet om de tempel te bekijken, want daar hebben wij als niet-hindoe geen toegang toe, maar om te kijken naar het schouwspel dat zich elke dag afspeelt aan de oevers van de heilige rivier Bagmati op het tempelterrein.

Hindoes worden na hun dood gecremeerd en daarvoor zijn vaak bij tempels speciale plaatsen ingericht. Pashupatinath is voor veel hindoes binnen en buiten Nepal één van de belangrijkste plaatsen voor crematie. De Bagmati is voor hen een heilige rivier die uitmondt in de Ganges, de belangrijkste rivier voor hindoes.

Aan de oever van de rivier zijn speciale platforms aangelegd. Op de platforms aan de tempelkant worden de naakte lichamen (volgens hindoes kom je naakt en ga je naakt) die bedekt zijn door een kleurige deken eerst ritueel gewassen door de nabestaanden. Daarna wordt het lichaam begeleidt door de familie en belangstellenden naar één van de crematieplatforms gebracht. Het wordt op de brandstapel gelegd en bedekt met hout. Hierna steekt één van de naaste familieleden de brandstapel aan, eerst in de buurt van de mond omdat de hindoes geloven dat dan door de mond de geest van de overledene het lichaam verlaat. Het hele ritueel wordt van begin tot eind begeleid door een hindoe priester die er voor waakt dat alle handelingen goed worden uitgevoerd. Aan de andere kant van de rivier kijken veel belangstellenden de hele dag toe.

Meestal tonen de familieleden weinig emoties volgens onze gids, maar bij één van de voorbereidingen die wij zagen werd wel erg geëmotioneerd gereageerd door de nabestaanden. Het bleek te gaan om een jonge militair die bij een verkeersongeval om het leven was gekomen.Tijdens de rituele wassing toonden vooral de ouders en sommige jonge vrouwen (zusters en echtgenote?) hun emotie en moesten door andere aanwezigen worden ondersteund.

Toen het lichaam was overbracht naar de brandstapel en bedekt was door hout liep de vader met enige familieleden drie maal rond de stapel en stak ondersteund door anderen het vuur aan. Collega’s van de militair stonden aan de overkant en brachten de eregroet. Een van hen blies ‘The last post’ op de hoorn. Ook bij hen waren de emoties duidelijk te zien, de hoornblazer had duidelijk tranen in zijn ogen.

Een priester bedekt de brandstapel vervolgens met natgemaakt stro waardoor veel rook vrijkomt. Het lichaam is na ongeveer drie tot vier uur volkomen verbrand. De priester zorgt er voor dat alles verbrandt en dan worden de resten in de rivier geschoven. Door het grote watertekort in Kathmandu staat de rivier echter grotendeels droog en dus komt alles in een kleine poel terecht. Als de regentijd aanbreekt kunnen de resten eindelijk door de rivier naar de Ganges worden gebracht.

Het is een vreemd idee. We hebben 1000 roepies per persoon betaald om dit te mogen zien. We mogen ook foto’s maken, natuurlijk wel van afstand met respect voor de overledenen en hun familieleden. Zouden wij het leuk vinden als onze begraafplaatsen of crematoria kaartjes zouden verkopen aan toeristen en andere belangstellenden om onze plechtigheden bij te wonen? Aan de andere kant is het ook weer mooi om te zien hoe de hindoes om gaan met de dood. Meer dan bij ons maakt het voor hen deel uit van het leven.
Hoe dan ook, het was zonder meer een heel bijzondere afsluiting van onze vakantie.

Op de terugweg in onze bus met airco wordt ik weer even herinnerd aan Kumari, het ongelukkig ogende meisje dat voor levende godin doorgaat en zich elke dag aan de gelovigen en toeristen moet vertonen. Voor een stoplicht staan we stil en staat een volgepakte stadsbus naast ons. Op de achterbank van die volgepakte en warme bus zit een klein meisje dat enthousiast naar ons zwaait. Als ik de lens van mijn fotocamera op haar richt toont ze een glimlach waar Kumari jaloers op zou zijn. Dan rijden we weer, de stadsbus buigt af en het kleine meisje blijft lachend naar ons zwaaien, net zolang tot ze uit ons zicht is.

By |2014-06-06T14:32:09+00:00juni 6th, 2014|China, Tibet en Nepal 2014, GvdM, Vakantie|2 Comments

About the Author:

2 Comments

  1. Janice 7 juni 2014 at 02:16

    Bedankt voor de verhalen. En tot gauw.
    XO

  2. ina 6 juni 2014 at 20:45

    lijkt me best wel apart om naar een lijkverbranding te kijken.ik heb genoten van je reisverhalen.gr.popke /ina.

Leave A Comment

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.