Zaterdagmorgen was er een boerenboelgoed in Quick, hier noemen ze dat een auction. Deze wordt geleid door een auctioneer, zeg maar een veilingmeester, die wordt geassisteerd door enkele mensen die aangeven dat er geboden wordt en ook de artikelen laten zien of demonstreren.

Een hooiveld was ingericht als parkeerterrein. Het waren meestal pick-up trucks, af en toe zag je een personenauto of zelfs een vrachtwagen. De laatste waarschijnlijk meegenomen door iemand die van plan was veel in te slaan. Het was erg druk, misschien mede door het mooie weer waren er veel mensen op deze auction afgekomen. Het waren niet alleen kopers, maar ook veel kijkers. De potentiële kopers kun je herkennen omdat ze in het bezit zijn van een biedbriefje. Hierop staat een nummer waarmee ze zijn ingeschreven door het kantoor op het terrein. Op deze manier ben je dus altijd voor je bod verantwoordelijk. Als je iets koopt wordt door de assistente van de veilingmeester dat nummer genoteerd en het nummer van het artikel dat je hebt gekocht en het bedrag. Als je naar huis gaat of na de veiling kun je dan bij het kantoor de gekochte artikelen afrekenen.

Op het grote terrein waren ontzaglijk veel spullen uitgesteld. Er waren grote zaken, zoals landbouwmachines, enkele auto’s, een kleine buggy, motorfietsen, duikuitrustingen, antieke boerenwagens, antieke gebruiksvoorwerpen. Er lagen dozen met hangsloten, deursloten, beveiligingssystemen, hekpaaltjes. Er stond een heel oude hutkoffer, er was een mooi houten sieradenkistje dat veel belangstelling trok en later maar liefst 300 dollar zou opbrengen. Oude radio’s, klokken, meubilair, gereedschap. Kortom, er was bijna van alles en voor sommige dingen betaalde je maar een fractie voor wat je in de winkel betaalt.

Het was een boerenboelgoed, maar veel van de andere artikelen worden ingebracht door particulieren en/of andere bedrijven. De auctioneer zat samen met zijn assistente op een truck en reed langs de uitgestalde artikelen. Zijn vier assistenten lieten de te veilen artikelen zien en demonstreerden ze desnoods, zoals bijvoorbeeld de kettingzagen die werden geveild. Ook lieten ze de artikelen uitgebreid zien aan de hen omringende bieders. Ze letten ook scherp op of iemand biedt door een handgebaar of knikje met het hoofd en laten dit dan door een luide schreeuw aan de veilingmeester weten. Deze houdt er een snel tempo in. Bij grote artikelen begint hij met een groot bedrag en verlaagt dat tot iemand het bod aanneemt. Vanaf dat moment gaat het bij opbod, net zolang tot niemand meer biedt.
Voor de veilingmeester en zijn assistenten is het net zo belangrijk zo veel mogelijk geld te ontvangen dan voor de aanbieder van de artikelen. Hij krijgt een percentage van de opbrengst. De assistenten zijn daarom niet alleen passief, maar proberen ook actief de mensen over te halen om te bieden.

Zelf kochten we niks. Het was echter een hele ervaring om rond te lopen en af en toe tussen de bieders te staan die goed moesten opletten en snel moesten denken of ze misschien het bod nog wilden overtreffen voordat de veilingmeester het laatste bod aannam. De spanning was af en toe goed te voelen.